Vorige pagina

De fruitvlieg van de botanie

Zandraket heeft zijn oorsprong in het Middellandse Zeegebied en is in de loop der tijd, door menselijke activiteiten, wereldwijd verspreid en ingeburgerd in gematigde klimaatzones.

Het eenjarige plantje groeit op droge open plaatsen zoals akkers, dijken, zeeduinen, braakliggende grond en tussen straatstenen.

In de herfst ontkiemt de Zandraket en vormt dan een kleine bladrozet waaruit in het voorjaar een bloemstengel oprijst, waarbij de plant 5 tot 30 cm hoog kan worden.
In april en mei bloeit de plant met trosjes kleine witte, nectar bevattende, bloemetjes.
De bevruchting geschiedt hoofdzakelijk door zelfbestuiving binnen de tweeslachtige bloem, maar er vindt ook kruisbestuiving plaats door solitaire bijen, tweevleugeligen en tripsen.

De vruchten, die dan ontstaan zijn 2 tot 3 cm lange hauwtjes met daarin 20 tot 30 zaadjes, die meer dan 5 jaar kiemkrachtig blijven. Als de hauwtjes vanaf juni rijp zijn, gaan ze open en worden de zaadjes door de wind verspreid. In natte omstandigheden ontwikkelen de zaden kleefdraadjes waardoor ze via aankleven verder verspreid kunnen worden. Ook door grondbewerkingen komen de zaden elders terecht.

Aan de Zandraket wordt veel onderzoek gedaan op het gebied van de moleculaire biologie en genetica. Het hele DNA van de plant, dat uit slechts 5 chromosomenparen bestaat, is bekend. Ook heeft de plant een korte generatiecyclus van maar 8 weken. Deze twee en nog andere voordelen van de Zandraket maken het mogelijk veel te leren over de erfelijkheid bij hogere planten in het algemeen. Deze plant wordt dan ook wel ‘de fruitvlieg van de botanie’ genoemd.

Bronnen:
https://www.floravannederland.nl/planten/zandraket/
https://www.verspreidingsatlas.nl/0081#
https://de.wikipedia.org/wiki/Acker-Schmalwand

Foto KU Leuven

Bij ons leer je de wereld kennen