Vorige pagina

Pandanaceae - Schroefpalmfamilie

Pandan hoort thuis in het geslacht Pandanus, met ongeveer 450 soorten van tweehuizige, altijdgroene tropische bomen en struiken, vaak met opvallende steltwortels. De bladeren staan met drie bij elkaar, in een opvallende spiraal gerangschikt; vandaar de naam schroefpalm. De bloemen zitten dicht op elkaar in kolven aan het eind van de takken, en missen kroon- en kelkbladen. De planten bloeien niet vaak, en worden door stekken vermeerderd. Schroefpalmen (Pandanaceae) zijn geen directe familie van de palmen (Arecaceae), al lijken ze oppervlakkig gezien soms wel op elkaar.

De Maleise naam pandan is gebruikt in de wetenschappelijke naam Pandanus; amaryllifolius betekent ‘met amaryllis-achtige bladeren’. Deze soort heet in Azië pandan wangi. Van andere soorten worden de bladeren veel gebruikt om matten te vlechten. Bijvoorbeeld van Pandanus utilis, waarvan de vruchten mits gekookt eetbaar zijn, maar niet erg lekker. Van Pandanus tectorius zijn de vruchten beter eetbaar; van deze soort wordt uit de mannelijke bloeiwijzen een basisingrediënt voor parfum gewonnen, de bloemen worden gebruikt om voedsel, tabak en zeep te aromatiseren.

De bladeren van pandan, maar ook die van sommige andere schroefpalmen, worden gebruikt voor het op smaak brengen van Chinese mooncakes (gebakken van de zaden van Nelumbo nucifera) en andere eetwaren. Pandanrijst of jasmijnrijst (‘Thai fragrant rice’) is een rijsttype dat van zichzelf naar pandan geurt, en wordt dus niet met pandanbladeren gearomatiseerd – pandanblad en pandanrijst produceren allebei dezelfde geurige verbinding, een pyrroline.

 

Bij ons leer je de wereld kennen