Vorige pagina

Tussen 1727 en 1752 maakte Jacob Ligtvoet, als hoofdtuinman werkzaam bij de Leidse Hortus, een herbarium. Dat herbarium verdween vervolgens lang uit zicht, tot onderzoekers Aleida Offerhaus en Tinde van Andel samen met MSc-studente Emma de Haas onderzoek deden naar het Zierikzee Herbarium. Zij ontdekten dat dit vrijwel zeker het herbarium van Ligtvoet moet zijn. Barbara Gravendeel en haar onderzoeksteam hebben uit een hopplant in dit herbarium DNA kunnen halen.

Uit dat DNA kun je geen nieuwe planten kweken, maar je kunt wel op zoek naar planten waarvan het DNA zoveel mogelijk lijkt op het oude DNA. Niet elke hopplant is geschikt voor bier. De lekkerste rassen komen nu uit het buitenland; in Nederland wordt geen voor bier geschikte hop meer gekweekt. Wie een echt lokaal speciaalbiertje wil maken, wil natuurlijk ook graag hop van eigen bodem gebruiken.

Barbara zoekt met hulp van oude herbaria naar nu levende hopplanten die als kruisingsouders kunnen dienen. ‘Van deze planten gaan we DNA-profielen maken en vergelijken met de DNA-profielen van huidige variëteiten om de genetische overeenkomsten en verschillen tussen de planten in kaart te brengen. Tevens gaan we de smaakprofielen van de verwilderde en huidige hopvariëteiten bepalen om authentieke smaakcomponenten op te sporen.’

De verzamelde gegevens over genetische achtergrond en smaakcomponenten dienen als basis voor de keuze van het beste oudermateriaal om te starten met de moleculaire veredeling van een nieuwe Hollandse hopvariëteit die een authentieke smaak heeft, lokaal in Nederland geteeld kan worden, en te gebruiken is voor het maken van lokaal speciaalbier.

Het draaibord in laatste bed in de Systeemtuin vertelt het verhaal van de hop en van Barbara's onderzoek. Bewonder de hoog opschietende hopplanten, die nu mooi in bloei staan.

Bij ons leer je de wereld kennen