Vorige pagina

In de Hortus groeien allerlei kamerplanten en hun familieleden in de tropische kassen. In de Hortus kun je vragen om het Klein Kamerplantenboekje. Hieronder lees je over nog een paar kamerplanten.

Heb je een vraag, mail naar educatie@hortus.leidenuniv.nl.

Aspergevaren (Asparagus setaceus)
Hij wordt wel een varen genoemd, maar is geen familie van de echte varens. Oorspronkelijk hoort hij tot de leliefamilie. Het is een plant met fijn en zachte bladeren, houdt van een vochtige grond en is verder niet zo moeilijk te onderhouden.

Bladbegonia (Begonia rex)
De Begonia rex is een benaming voor veel verschillende soorten. Ze lijken allemaal op elkaar, maar de een heeft meer roze bladeren en de ander bijvoorbeeld meer oranje. De plant is gemakkelijk te kruisen, waardoor kwekers veel verschillende soorten hebben kunnen maken. Begonia’s zijn niet altijd de makkelijkste planten, maar zodra je hun koninklijke behoeftes door hebt, moet het goedkomen! De begonia kan je wel makkelijk stekken, door bijv. alleen het blad met een kort bladsteeltje te gebruiken. Stop deze direct in de aarde en zorg dat de aarde licht vochtig blijft. Na ongeveer twee weken kan je wellicht al nieuwe groei zien!

Blauwvaren (Phlebodium aureum)
Hij heeft een kleur groen met een soort grijs blauwe gloed. Het is familie van de normale varen, maar het is ook een epifyt. Een epifyt is een soort die normaal gesproken niet op de grond groeit, maar op boomtakken- en stronken. De Blauwvaren houdt, net als de normale varen, van een vochtige grond en een plekje uit de zon. Geef geen water in het midden van de plant, maar geef wat aan de zijkant.

Calathea
De Calathea lijkt op de tiengebodenplant. Hij is namelijk familie van hem en verandert ook de stand van z'n bladeren in de loop van de dag. Een Calathea bestaat ook uit verschillende soorten en zij kunnen allemaal een diva zijn. Wanneer ze dorst hebben kunnen ze heel zielig gaan ‘hangen’. Geef ze water en na een of twee uurtje staan ze alweer bijna rechtop! De Calathea’s zijn schaduw liefhebbende planten, dus zet hem in een hoekje ver van het raam.

Erwtenplantje (Senecio rowleyanus)
Het Erwtenplantje heeft deze naam gekregen omdat de blaadjes op kleine erwtjes lijken. Het is niet de makkelijkste plant. Wanneer je iets te veel water geeft kan hij al moeilijk gaan doen. Een tip: kijk naar de kleine erwtjes. Worden deze dun en deuken ze wat in? Geef de plant dan wat water (het beste van onderaf, zodat de plant zelf kan drinken). 

Kentia palm (Howea forsteriana)
De Kentia palm is afkomstig van een eiland vlakbij Australië, maar is erg populair als kantoorplant. Hij is namelijk vrij makkelijk in het onderhoud. Zorg voor een goede plek in de halfschaduw/schaduw en zorg dat de grond lichtvochtig blijft. Hij zal je belonen door het heel lang goed te doen.

Mierenplant (Hydnophytum)
De plant functioneert als huis voor mieren. De mieren beschermen de plant tegen andere insecten en nemen voedingstoffen mee naar de wortels van de plant. Hierdoor hoeft de Mierenplant weinig moeite te doen om te overleven. Tegenwoordig wordt hij ook als kamerplant gekocht, maar dan krijg je hem toch echt zonder mieren!

Pannenkoekplant (Pilea peperomioides)
De Pannenkoekplant kwam vroeger veel voor en is de laatste jaren ook weer populair geworden. Veel mensen beginnen met een Pannenkoekplantje, omdat ze vaak makkelijk te verzorgen zijn en ook heel gemakkelijk te stekken. Ze krijgen namelijk kleine baby plantjes naast de moederplant. Deze kan je van de moederplant afsnijden en laten wortelen in water of in de aarde. De stekjes zijn een leuk cadeautje om weg te geven of om je kamer nog voller te maken!

Rubberboom (Ficus elastica)
Waarom wordt de Ficus elastica ook vaak een ‘Rubberboom’ genoemd? Wanneer je een tak afknipt komt er sap vrij. Het sap (latex) van deze plant was vroeger een belangrijke bron voor het maken van rubber. De Rubberboom komt oorspronkelijk uit Azië en is vrij makkelijk om te verzorgen en te stekken. Hij houdt van een lichte plek en heeft het erg naar zijn zin bij een constante temperatuur in huis. Het sap van de plant is wel giftig voor dieren, dus laat je huisdieren er niet van knagen!
Wil je hem stekken? Knip een blad met een stuk stam af en laat hem wortelen in een glas water. Heb wel geduld, want het kan een tijd duren voor er wortels komen! Wanneer de wortels groot genoeg zijn, mogen ze de grond in. Op naar een nieuw boompje. (De stek kan ook direct de aarde in, maar dan kan het soms wat langer duren).

Stippenbegonia (Begonia maculata)
De stippenbegonia komt uit Brazilië en heeft zijn naam te danken aan de stippen op het blad. Zet de begonia op een lichte plek, maar niet in de volle zon. Als je hem goed verzorgt, zal hij je belonen met prachtige kleine bloemetjes. Wil je hem stekken? Dat kan dan net als de Bladbegonia ook direct in de aarde, maar het kan ook eerst op water. Knip een stukje blad met steel af en laat hem in het water wortelen. Voor je het weet heeft de stek wortels en kan hij de aarde in.

Vrouwentong (Sansevieria)
Misschien hebben je opa, oma of ouders deze ouderwetse kamerplant in de vensterbank staan? Je kan de plant steeds vaker terugzien bij mensen in de woonkamer, terwijl hij oorspronkelijk uit West-Afrika komt. Hij is erg gemakkelijk, sterk en houdt van een lekkere krappe pot. Zo’n pot kan hij gemakkelijk breken met zijn wortels, dus neem een pot die uiteindelijk kapot mag gaan. Je kan de Vrouwentong stekken door de kleine scheuten ‘baby’s’ van de moederplant af te scheuren en een eigen potje te geven.

 

Foto's van de kamerplanten

Bij ons leer je de wereld kennen